12. Het project “Geef ze een gezicht”
Als memoriaal en documentatiecentrum probeert Kazerne Dossin de herinnering aan de Joden en Zigeuners die via de Kazerne Dossin werden gedeporteerd levend te houden. Vanuit die opzet ontstond begin 2004 het project Geef ze een gezicht. De opzet ervan was om zoveel mogelijk portretten van gedeporteerden samen te brengen, om hen hun gezicht terug te geven. Om dit doel te bereiken, werden drie bronnen aangeboord:
- de foto’s die door overlevenden en familieleden van gedeporteerden aan het museum werden toevertrouwd of die zich nog in privéverzamelingen bevonden
- de relieken: documenten van gedeporteerden die vanaf transport XX in de Kazerne Dossin werden bewaard in plaats van vernietigd.
- de immigratiedossiers van de vreemdelingenpolitie: deze werden opgesteld voor elke immigrant ouder dan 16 jaar die in België aankwam.
Aangezien meer dan 90% van alle Joden die voor de oorlog in België verbleven de Belgische nationaliteit niet bezaten, vormden de immigratiedossiers een zeer rijke bron voor portretten. Aan elk dossier werden immers foto’s toegevoegd. Sommige mappen bevatten ook een familiefoto, waardoor het mogelijk werd om jonge kinderen – waarvan veel moeilijker sporen terug te vinden zijn – een gezicht te geven. Daarnaast zijn ook foto’s van Joden met de Belgische nationaliteit zeldzaam. Om deze gedeporteerden hun gezicht terug te geven, putte het documentatiecentrum vooral uit privéverzamelingen.
De Zigeuners bevinden zich in een andere administratieve situatie dan de Joodse inwoners van België. Zelfs wanneer de Zigeuners de Belgische nationaliteit bezaten, stelde het Ministerie van Binnenlandse Zaken een dossier over hen op. Ook deze dossiers bevatten foto’s, maar opnieuw is het moeilijk portretten van de kinderen op te sporen.
In 2004 gaf de toenmalige Minister van Binnenlandse Zaken, Patrick Dewael, het museum de toestemming om de foto’s uit de immigratiedossiers van de Vreemdelingenpolitiete digitaliseren. Deze persoonlijke dossiers van gedeporteerde Joden en Zigeuners werden op dat moment bewaard door de Dienst Vreemdelingenzaken. In januari 2005 werd begonnen met het scannen.
In 2008 droeg de Dienst Vreemdelingenzakenal zijn dossiers die vóór 1947 opgesteld waren aan het Algemeen Rijksarchief (AR) over. Het Joods Museum van Deportatie en Verzet (JMDV) / Kazerne Dossin sloot in 2007 al een overeenkomst met het AR om de 50.000 dossiers in hun geheel te digitaliseren. De scanafdeling van het JMDV startte in oktober 2008 met deze enorme opdracht. Het scannen van de meer dan twee miljoen documenten zal nog enkele jaren in beslag nemen.
In 2009 verscheen de reeks Mecheln-Auschwitz, 1942-1944. Dit overzichtswerk telt vier delen:
- een historisch overzicht van de Jodenvervolging in België, aangevuld met cijfermateriaal over elk van de 28 transporten
- de gezichten van de gedeporteerden, transport 1 – 13
- de gezichten van de gedeporteerden, transport 14 – 26
- een alfabetische namenlijst met alle 25.259 via de Kazerne Dossin gedeporteerde Joden en Zigeuners
Deze reusachtige opdracht is nog niet afgewerkt. Een vijfde deel is in voorbereiding:
- de gedeporteerden van bijzondere transporten vanuit Dossin
- de personen wonende in België op 10 mei 1940, door de bezettende overheid als Israëliet aangehouden en gedeporteerd vanuit Frankrijk naar de uitroeiingskampen van Opper-Silezie. Deze personen vertrokken met transporten vanuit het verzamelkamp van Drancy en uit de kampen van Compiègne, Pithiviers, Beaune-La-Rolande en Angers tussen 8 juni 1942 en 17 augustus 1944.



